Longembolie is een belangrijke oorzaak van maternale sterfte. Aangezien het D-dimeer stijgt tijdens de zwangerschap wordt een D-dimeer-bepaling vaak achterwege gelaten bij vermoedens van een longembolie. Dit leidt tot veel onnodige CT-beeldvorming. Een kwantitatieve d-dimeertest in combinatie met een aangepaste beslisregel lijkt in de zwangerschap bruikbaar, aldus een onderzoek dat is geleid door Nederlandse onderzoekers.

Het onderzoek vond plaats in 18 Europese ziekenhuizen, bij 498 zwangeren. In dit onderzoek is de veiligheid en efficiëntie van een diagnostische beslisboom getest voor longembolie, met een kwantitatieve D-dimeer en drie criteria. Deze criteria zijn:
1) aanwijzingen voor diepveneuze trombose (zo ja, dan ook compressie-echo)
2) hemoptoë
3) longembolie als waarschijnlijkste diagnose

Minder CT-scans

Bij een D-dimeer < 1000 ng/mL of bij aanwezigheid van ≥ 1 criterium en een D-dimeer < 500 ng/mL vond geen aanvullende beeldvorming plaats. In totaal kregen 20 vrouwen (4%) de diagnose longembolie, waarbij gedurende de follow-up bleek dat er geen longembolie was gemist bij de vrouwen die geen beeldvorming ondergingen. Het gebruik van het algoritme zorgde er tevens voor dat 195 patiënten (39%) niet hoefden te worden blootgesteld aan CT-gerelateerde straling en contrastvloeistof. Wel werd er een afname in de effectiviteit (65 tot 32%) van het eerste naar het derde trimester gezien, door meestijgen van het D-dimeer gedurende de zwangerschap.

Meerwaarde voor huisartsen

Uiteraard is bevestigend onderzoek nodig. Toch heeft dit onderzoek voor huisartsen al meerwaarde: het laat zien dat de D-dimeertest in combinatie met de drie criteria potentieel bruikbaar is. Er loopt reeds onderzoek naar de validatie van deze criteria in de eerste lijn bij niet-zwangere patiënten. Een volgende stap zou zijn om multidisciplinair te kijken naar de aanpak van diagnostiek bij het vermoeden van longembolie tijdens zwangerschap en kraamperiode.

Lees meer over het onderzoek van Van der Pol LM, et al. Pregnancy-adapted YEARS algorithm for diagnosis of suspected pulmonary embolism.

 

Bron: Huisarts en Wetenschap